VOG voor zedendader werkt averechts

Deze boodschap verscheen op 16 september jl. in diverse media. Chantal van den Berg  promoveerde namelijk op 18 september jl. op haar onderzoek onder +/- 500 jonge zedendelinquenten. Zij toont aan dat de kans dat ze opnieuw de fout in gaan duidelijk daalt als ze werk hebben. De VOG voor zedendaders werkt daarom in veel gevallen averechts, is de conclusie. Als een VOG is vereist, is het vinden van een baan moeilijk, omdat in veel gevallen als uitgangspunt geldt dat de VOG wordt afgewezen.

Kijk bij een VOG-aanvraag beter naar de situatie

Hoogleraar Jan Hendriks (VU): “We beschermen de samenleving niet op deze manier, we maken ze juist gevaarlijker.” Volgens hem werkt dit recidive in de hand. Met Van den Berg bepleit hij bij beoordeling van een VOG-aanvraag specifieker te kijken naar de situatie van de veroordeelde. Dat kan door behandelaars te betrekken en gericht te kijken naar de kans dat de dader opnieuw de fout in gaat. Van den Berg: “Bij het verstrekken van VOG’s wordt nu alleen naar kale delicten gekeken, niet naar de inhoud.” Hendriks: “De overheid gebruikt nu de ‘better safe than sorry’-aanpak. Door te werken met de VOG willen ze alle risico’s uitsluiten. Maar het gaat hier over een schijnveiligheid. Uiteindelijk wordt de samenleving hier niet veiliger van.” (Bron: ANP)

5 Voorbeelden van onterechte afwijzing

Hieronder tonen wij aan de hand van 5 voorbeelden hoe de beoordeling van VOG-aanvragen van zedendaders concreet plaatsvindt. In deze gevallen werd de VOG in eerste instantie afgewezen, maar na het voeren van een juridische procedure toch afgegeven.

Waar mag je nog werken als je veroordeeld bent voor een zedendelict?

…op een school?

Het werk op een school betreft natuurlijk een kwetsbare doelgroep. Een cliënt die dit werk wilde doen, kreeg in eerste instantie geen VOG. De omstandigheden van het geval maakten echter dat zijn zaak werd heroverwogen. Ten eerste was het delict (ontucht) 7 jaar geleden gepleegd. Sindsdien was er geen herhaling voorgevallen. Ten tweede vond de rechter het geen ernstig delict: onze cliënt was schuldig verklaard, maar er was geen straf opgelegd. Ten slotte werd duidelijk dat deze man als roostermaker zelfstandig werkt en niet in direct contact staat met kinderen. Zijn werkgever bevestigde per brief dat er tussen hem en de leerlingen geen afhankelijkheidsrelatie bestaat. Zodoende was het risico zodanig laag dat de VOG kon worden afgegeven.

Een andere cliënt, werkzaam op een MBO-school, had eveneens last van een veroordeling van een tijd terug. 14 jaar geleden heeft hij een voorwaardelijke gevangenisstraf plus reclasseringstoezicht opgelegd gekregen wegens het bezit van kinderpornografie. Ook in deze zaak was het belangrijk op concreet niveau op het risico in te zoomen. Deze man werkte al vanaf vlak na zijn veroordeling op de school. Er is ondertussen zoveel tijd verstreken, dat er nauwelijks nog herhalingsgevaar is te duchten. Voor een nieuwe functie als projectleider had hij echter een nieuw contract én een nieuwe VOG nodig. In deze nieuwe functie, waarbij hij opleidingen coördineert, heeft hij geen direct contact met leerlingen. In zijn arbeidscontract staat duidelijk dat hij als projectleider werkt. Er zijn dus geen leerlingen van zijn zorg afhankelijk. Nu het risico dusdanig beperkt is, werd de VOG afgegeven.

…in een ziekenhuis?

Een cliënt die als arts in een ziekenhuis aan de slag wilde, kreeg in eerste instantie geen VOG omdat hij 10 jaar geleden is veroordeeld wegens het bezit van kinderpornografie. Hij kreeg hiervoor een werkstraf van 180 uur plus reclasseringstoezicht. Aangezien de risico’s bij zedendaders zeer ruim worden ingeschat, is het de taak van de advocaat te kijken of dit terecht is. In deze zaak ging het om een hands-off delict. Bovendien vond het kijken naar kinderporno plaats toen cliënt jongvolwassen was, als gevolg van een aantal heftige gebeurtenissen uit zijn jeugd. Tijdens zijn toezicht heeft hij door gesprekken met de reclassering en een behandeltraject van ruim een jaar geleerd om te gaan met zijn verleden. Nu, 10 jaar later, is hij een verantwoordelijk arts. Hij komt daarbij niet in aanraking met kinderen (die worden uitsluitend door kinderartsen behandeld), zijn doorsnee patiënten zijn 65-plussers. Gezien deze concrete omstandigheden werd het risico aanvaardbaar geacht en de VOG verstrekt.

…in de ICT?

Ook maken wij regelmatig mee dat het voor mensen die kinderpornografie hebben gedownload lastig is om in een functie in de ICT te werken. Want zij krijgen te maken met computersystemen, servers of data. De toegang tot deze digitale infrastructuur kan worden gebruikt voor het verzamelen en verspreiden van kinderporno, zo is de gedachte. Bij de VOG wordt doorgaans geen onderscheid gemaakt tussen de zogenaamde hands-off (kijken naar kinderporno) en hands-on (maken van kinderporno) delicten. Een veroordeling voor kinderporno kan dan 9 jaar later een probleem opleveren, zo ervoer een van onze cliënten. Hij kreeg uiteindelijk toch een VOG, nadat wij het volgende in zijn zaak naar voren hadden gebracht. Het delict vond lang geleden plaats en deze man werk al 15 jaar zonder problemen in de ICT-branche. Bovendien is van belang dat het delict hem door de rechter licht was aangerekend. Hem was slechts een voorwaardelijke gevangenisstraf plus reclasseringstoezicht opgelegd. Nu het geen ernstig feit betrof en zijn baan op het spel stond, werd de VOG alsnog verstrekt.

…in de taxibranche?

In Nederland dienen alle taxichauffeurs over een VOG te beschikken. Een van onze cliënten heeft, toen hij 12 jaar oud was, onder druk van oudere jongens een meisje betast. Op jonge leeftijd kon hij hier moeilijk weerstand tegen bieden. Hij is voorwaardelijk veroordeeld en moest een weerbaarheidstraining volgen. Nu, 15 jaar later, wil hij graag als chauffeur werken. Omdat hij één-op-één relaties heeft met passagiers, werd de benodigde VOG afgewezen. Vanwege deze afhankelijkheidsrelatie vormt zijn veroordeling voor ontucht een risico. Toch blijkt op grond van de specifieke omstandigheden van het geval dat het risico voor passagiers minder groot is dan aanvankelijk werd vastgesteld. Hierbij is vooral van belang dat hij het feit lang geleden en op zeer jonge leeftijd pleegde. De VOG werd zodoende afgegeven.

 

En nu?

Herkent u zichzelf in één van bovenstaande voorbeelden of heeft u te maken met een soortgelijke situtatie? Zoals u ziet: er zijn wel degelijk mogelijkheden en het einde is nog niet in zicht. Neem daarom contact met ons op: wij weten wat we moeten doen en wij kunnen u ook in deze gevallen wel degelijk helpen. 

Overige publicaties